Prestatie verhogende middelen in het amateurvoetbal Bekijk online versie
Column Jan Dirk van der Zee, directeur amateurvoetbal
Waas voor je ogen
 
Chris van Nijnatten, onze perschef, vertelde laatst een mooi verhaal over Diego Armando Maradona. In de tijd dat hij voor het AD en Sport International over het Italiaanse voetbal berichtte, noteerde Van Nijnatten soms wat er in de auto van een topvoetballer lag. Bij Maradona, die destijds bij AS Napoli speelde (en nagenoeg onbereikbaar was geworden voor de pers), zag Van Nijnatten een pook in de vorm van een gouden adelaarskop, folders van tropische vissen en op het middenconsole restjes van iets wat op poedersuiker of bakpoeder leek. Het was 1984. Niemand wist nog dat Maradona in 1991 zou worden veroordeeld voor het gebruik van cocaïne.

Ik zag het beeld voor me toen Lonneke Scheepmaker, communicatiespecialist rondom doping bij de KNVB, mij voor het eerst informeerde over gebruik van prestatie verhogende middelen in het amateurvoetbal. Ik schoot er bijna van in de lach. Bestond dat? Doping bij de amateurs? Terwijl doping zelfs in het profvoetbal, waar de belangen veel groter zijn, wordt gezien als iets wat niet echt bestaat. Of althans, niet structureel. Want ondanks de vele controles van de WADA (Wereldwijd Anti-Doping Agentschap) worden profvoetballers zelden positief bevonden op het gebruik van stimulerende middelen. Volgens kenners komt dit omdat voetbal te veel verschilt van andere takken van sport. Stimulerende middelen zouden geen nut hebben vanwege de vele verschillende kwaliteiten die van spelers worden verlangd. Zoals uithoudingsvermogen, tempo, kracht, techniek, concentratie en coördinatie. Om er maar even een paar te noemen.

Dus blijft de vraag; wat heeft amateurvoetbal met doping te maken? Waarom zou een amateurvoetballer vals willen spelen door zijn lichaam te vervuilen met allerlei rotzooi, waarvan de positieve werking op de prestatie nooit wetenschappelijk is aangetoond? Toch komt het voor. Daarom zijn we deze week een antidoping campagne begonnen waarmee we de bewustwording van het gebruik van doping willen vergroten. Uit een onderzoek van de KNVB blijkt namelijk dat voetballers van de Tweede en Derde divisie nauwelijks weten wat doping is, welke gevaren het oplevert en welke sancties erop staan. Door dit gebrek aan kennis is het daarom niet ondenkbaar dat je onbewust doping gebruikt en met stoffen in je lichaam loopt die op de lijst van verboden middelen van de WADA staan. Vorig jaar nog is een speler uit de eerste divisie voor twee jaar geschorst omdat hij bij een dopingcontrole positief werd getest op de stof furosemide. Een stof die voorkomt in medicijnen tegen een verhoogde bloeddruk; zoals een plaspil.

Het is daarom belangrijk dat voetballers beter leren weten wat doping is en leren begrijpen dat je voedingssupplementen, vitamines en medicijnen moet controleren op mogelijke stoffen die op de lijst staan voor verboden middelen. Een schone voetbalsport begint namelijk bij jezelf. Samen kunnen we ervoor zorgen dat voetbal eerlijk, integer en gezond blijft. Zonder spelers met een waas voor hun ogen.

Bedoeld of onbedoeld.
 
EERDERE COLUMNS JAN DIRK
Lees alle eerdere columns van Jan Dirk op KNVB.nl.
 
Jan Dirk van der Zee is directeur amateurvoetbal KNVB. In zijn wekelijkse column bericht Jan Dirk over alles wat voetbal mooi maakt (en soms lastig) en geeft hij zijn kijk op het voetbal en het verenigingsleven. Reageren? Dat kan via jandirk.vanderzee@knvb.nl.