‘Worden we wel serieus genomen & kunnen we er eigenlijk wel iets van?’

Bekijk online versie
Column Jan Dirk van der Zee, directeur amateurvoetbal
Vrouwenvoetbal heeft last van vrouwen
 

Het vrouwenvoetbal in Nederland heeft last van vrouwen. Vrouwen die hun spel te kritisch blijven benaderen. Dat klinkt ongeveer zo:

‘Er zitten zo weinig mensen op de tribune (klopt), de prestaties van de Oranje Leeuwinnen blijven achter (ook waar), meisjes moeten veel te vaak met jongens voetballen (nog nodig) het niveau van de Nederlandse vrouwen eredivisie wil niet tippen aan het niveau in Engeland en Zweden (een feit).’

Maar ondertussen bereikt het vrouwenvoetbal in Nederland wel veel sneller dan gedacht haar tipping point. Het kantelpunt, waarop er geen houden meer aan is en deze geweldige sport omarmd zal worden door het grote publiek. Een aantal ontwikkelingen uit de voorbije weken wijst daarop. Zo brengt de NOS voor het eerst in de Nederlandse televisiegeschiedenis (sinds 4 februari) elke zaterdagavond een samenvatting uit de eredivisie vrouwen met gemiddeld meer dan een half miljoen kijkers en vorige week werd de eerste aflevering gelanceerd van VV Kicks (het eerste online praatprogramma over vrouwenvoetbal). Daarnaast kondigde de UEFA de eerste Nederlandse vrouwelijke assistent-scheids aan op de EK-eindronde in Nederland en werd het lespakket over WEURO 2017 beschikbaar gesteld voor basisscholen (nu al duizend deelnemende basisscholen). En dan heb ik het nog niet eens gehad over de nieuwe bondscoach voor de vrouwen: Sarina Wiegman. Een kleintje misschien, maar een selfmade vrouw, met een indrukwekkende staat van dienst. Niet voor niks wordt ze door Voetbal International pionier in het vrouwenvoetbal genoemd. Ze is de derde vrouw in Nederland die het diploma Coach Betaald Voetbal op zak heeft en ze zat als eerste vrouw op de bank bij een BVO (Betaald Voetbal Organisatie). Met haar persoonlijkheid, buitengewoon spelinzicht en professionele houding had ze binnen een mum van tijd het respect van de mannen verdiend.

Toch, alsof dit allemaal niet is gebeurd, hoor ik vrouwen in het voetbal vaak indirect de vraag stellen: ‘Worden we wel serieus genomen & kunnen we er eigenlijk wel iets van?’

Wat wil je horen? Is mijn wedervraag.

Dat je gelijk hebt? Het vrouwenvoetbal niet om aan te gluren is? Een zwak aftreksel van het mannenvoetbal? Natuurlijk niet. Ik ben een vader van drie opgroeiende dochters, ik heb een geweldige vrouw, ik heb mijn leven lang gewerkt tussen de vrouwen (detailhandel en de horeca) en ik heb een ding geleerd: er bestaat een groot verschil tussen hoe mannen naar zichzelf kijken en vrouwen.

Vrouwen hebben de hinderlijke neiging zichzelf langs een onmogelijk kritische meetlat te leggen. Dat begint enthousiast in de pubertijd (Vind je me niet lelijk?) en raast door in het werk (Kan ik dit wel? Ben ik hier klaar voor? En ben ik goed genoeg?).

Daar waar mannen het leven, hun werk en hun sport veel meer als een spel benaderen: ‘ik waag het erop en ik zie het wel’ vragen vrouwen zich voortdurend af of ze het wel kunnen. Vrouwen creëren daarmee hun eigen glazen plafond. Ook in het voetbal. Daar moeten ze die bal maar eens snoeihard doorheen schieten.

 
EERDERE COLUMNS JAN DIRK
Lees alle eerdere columns van Jan Dirk op KNVB.nl.
 
Jan Dirk van der Zee is directeur amateurvoetbal KNVB. In zijn wekelijkse column bericht Jan Dirk over alles wat voetbal mooi maakt (en soms lastig) en geeft hij zijn kijk op het voetbal en het verenigingsleven. Reageren? Dat kan via jandirk.vanderzee@knvb.nl.